Dromers

Verbazing. Teleurstelling. Verdriet. Ongeloof. Ik weet niet meer precies in welke volgorde, maar ze waren er allemaal: afgelopen dinsdag koos de Verenigde Staten Donald Trump als haar nieuwe president. Ik vind daar allemaal dingen van: ik voel me bekocht – na dik 200 jaar vond ik het wel eens tijd voor een vrouw, maar in plaats daarvan krijgen we een man die op televisie opschept over de vrouwen die hij heeft aangerand. En ik houd mijn hart vast voor veel van zijn besluiten de komende tijd: over nieuwe rechters, het klimaat en gezondheidszorg.

Maar er was één ding dat me meer specifiek raakte.

dream-actIn 2012 maakte Obama werk van een wetsvoorstel dat al jaren in voorbereiding was maar dat voor zijn ‘executive action’ hopeloos vastliep in het systeem: de ‘Dream Act’. Deze wetgeving was gericht op mensen die als kind illegaal naar de Verenigde Staten waren gekomen en die er zelf daarom niet legaal konden studeren en werken. Obama stopte in één klap met uitzetten en zorgde dat deze ‘dreamers’ een tijdelijk, en uiteindelijk een permanente verblijfsvergunning kregen. En dus een toekomst.

Toevallig had ik een week voor de verkiezingen een groep kinderen van de Internationale Schakelklas te gast op het stadhuis. Een klas vol kinderen van rond de 16 die één of twee jaar in Nederland zijn. Allemaal een beetje te vroegwijs over de zaken die hun ouders raken, zoals gebrek aan werk of een betaalbare huurwoning. Maar ook met een verblijfsvergunning. En met veel, heel veel dromen. Om later met computers te werken, of mensen te behandelen voor kanker, of om mode te ontwerpen.

Trump heeft een 10 puntenplan gemaakt voor immigratie – zaken die hij aan het begin van zijn presidentschap direct in gang wil zetten. Op nummer 5 van die lijst staat het onmiddellijk terugdraaien van Obama’s ‘executive action’ op de Dream Act. Vanaf eind januari 2017 zijn de Amerikaanse dromers weer illegaal en wordt er ingezet op deportatie naar een land dat ze nauwelijks kennen en waarvan ze vaak de taal niet spreken. Weg toekomst.

Wat me eigenlijk net zo hard treft als het einde van de Dream Act is het feit dat deze jonge mensen, vanaf nu ieder moment van de dag geconfronteerd worden met buren, collega’s en mensen op straat die (willens en wetens) hebben gestemd om een einde te maken aan hun toekomst. Dat lijkt me bijna niet te verdragen.

En daar was ik dus even een dag goed ziek van.

Over drie maanden zijn er weer verkiezingen in Nederland. Het zal de komende maanden nog veel gaan over vluchtelingen, migratie en wat Nederland Nederland maakt. Tot we er met z’n allen doodmoe van zijn. Wat mij betreft is het simpel: Nederland is, uiteindelijk, een positief land, een land van dromers – van jonge mensen die, ongeacht hun achtergrond, werk kunnen maken van hun toekomst. En die zich omringt weten door mensen die hen dat niet alleen gunnen, maar die weten dat (jonge) mensen die hun dromen najagen misschien wel het belangrijkste ‘kapitaal’ zijn van ons land.

Dat wordt mijn inzet de komende maanden – en natuurlijk daarna. Wat wordt de jouwe?