House of Cards

house-of-cards-francis-underwoodIn het Utrechts Nieuwsblad/AD verschijnt iedere woensdag een artikel over ‘Politiek achter de schermen’. In een paar kolommen geven de betrokken journalisten een beeld van de Utrechtse politiek: hoe gaat het er aan toe, hoe komen besluiten tot stand en hoe zijn de onderlinge verhoudingen. Geweldig dat de journalisten hier aandacht aan besteden – een (beter) beeld geven van wat we eigenlijk doen als raadsleden is wat mij betreft heel zinnig en lovenswaardig.

Enkele weken geleden werd de Utrechtse politiek in deze rubriek vergeleken met de Netflix serie House of Cards. Daar moest ik een beetje om giechelen. Bedrog, omkoping, woeste seks, moord en designer-outfits… Bij de Utrechtse raadszaal denk ik eerder aan chocolade verjaardagstraktaties, oplopende frustraties over gebrek aan spreektijd en hier een daar een hipster-baard (al dan niet blauw).

Maar iets serieuzer vind ik het ook wel een beetje jammer: Het is nuttig om de kleine ‘schandaaltjes’ en de knelpunten in de samenwerking te belichten, maar door alléén dat te doen geef je de lezer weer geen beeld van ‘hoe het er echt aan toe gaat’ in de Utrechtse politiek. Er hoeft niets onder het tapijt… maar mogen we het tapijt zelf misschien ook zien? Of, zoals het NOS journaal laatst zo mooi deed met een kaartje van de geplande opvanglocaties voor vluchtelingen in Nederland: “Hier ziet u 7 locaties waar we het de afgelopen tijd veel over hebben gehad, waar opstandjes waren en een hoop kabaal. En dit zijn de 24 locaties waar óók vluchtelingen worden gehuisvest, maar waar het helemaal rustig is gebleven”. Niet zo house-of-cards-erig, maar wel een compleet plaatje.

Dus dan maar even een paar zaken om uw plaatje iets meer compleet te maken:

Utrechtse politici lachen vaker met, dan om elkaar. Natuurlijk gebeurt dat laatste ook. Maar in de lange debatten, intensieve samenwerking, met veel welbespraakte, slimme mensen met een Mening valt er gewoon ook veel te lachen. Dat wil niet zeggen dat de inhoud niet serieus genomen wordt. Wel dat eigenlijk alle raadsleden, onafhankelijk van standpunten of politieke kleur, beseffen dat de enigen die écht snappen hoe het is om dit bijzondere ‘werk’ te doen, die andere raadsleden zijn.

Raadsleden hebben behoefte aan profilering. Om te laten zien wat we doen. Omdat we denken dat we daarop afgerekend worden (al dan niet terecht). Dat wil soms zeggen dat we racen om de eerste te zijn. Of om het woord te voeren. Dat is soms een beetje kinderachtig. En gelukkig weten we dat zelf ook. En een volgende keer gunnen we iemand anders weer eens de bal. Ja, dat gebeurt ook.

We werken veel samen. Stellen vragen samen. Werken samen aan moties. Dat is soms een vreselijke bedoeling, omdat er altijd te weinig tijd is en compromissen tijd vergen. Omdat je soms bijna niet snapt dat anderen van dat ene puntje zo’n punt maken. Maar het resultaat is bijna altijd beter. Of in elk geval breder gedragen.

In het onderling contact zijn veel andere zaken minstens zo belangrijk als je politieke kleur. Als je allebei jonge kinderen hebt bijvoorbeeld. Of eenzelfde absurd gevoel voor humor. Overeenkomsten vind je soms of de meest ongewone plaatsen. En dat helpt dan weer met dat gunnen en die samenwerking.

Niet zo house-of-cards-erig dus. Maar wel zo compleet.